Opnieuw minder jongeren met jeugdzorg

In het eerste halfjaar van 2026 kregen 392 duizend jongeren . Dat is 5 procent minder dan een jaar eerder. Het aantal jongeren met jeugdzorg steeg na 2015 ieder jaar, behalve in coronajaar 2020. In 2025 daalde het aantal jongeren met jeugdzorg voor het eerst en die daling zet in 2026 door. Dat blijkt uit  van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

In 2015 werden gemeenten verantwoordelijk voor uitvoering van de jeugdzorg. Jongeren kunnen meerdere vormen van jeugdzorg krijgen.  is met 383 duizend jongeren in het eerste halfjaar van 2026 de grootste vorm van jeugdzorg. In het eerste halfjaar van 2025 waren dit er 405 duizend: een daling van 5 procent.

Jeugdhulp is hulp aan jongeren met psychische, psychosociale en/of gedragsproblemen of een verstandelijke beperking. Ook kan jeugdhulp ingezet worden voor het ondersteunen van ouders bij opvoedingsproblemen. Jeugdhulp is in principe bedoeld voor jongeren tot 18 jaar maar kan verlengd worden tot 23 jaar.

3 procent minder jongeren met jeugdbescherming

Bijna 29 duizend jongeren kregen in de eerste helft van 2026 . Dat is zo’n 3 procent minder dan een jaar eerder.

De rechter legt een jeugdbeschermingsmaatregel dwingend op als de veiligheid en ontwikkeling van het kind in gevaar zijn. Een jongere wordt dan ‘onder toezicht gesteld’ of ‘onder voogdij’ geplaatst zoals dat wordt genoemd. Jeugdbescherming stopt als de jongere 18 jaar wordt.

Meer jongeren met jeugdreclassering

In het eerste halfjaar van 2026 kregen 7,4 duizend jongeren , ruim 2 procent meer dan in de eerste helft van 2025. Jeugdreclassering is bedoeld voor jongeren vanaf 12 tot 18 jaar die voor hun achttiende verjaardag met politie of leerplichtambtenaar in aanraking zijn geweest en een proces-verbaal hebben gekregen.

Jongeren met jeugdzorg¹⁾, 1e halfjaar
2026* 392,2 383,5 28,5 7,4
2025* 412,8 404,8 29,4 7,2
2024 416,1 408,0 30,7 6,7
2023 411,2 402,7 32,3 6,3
2022 397,0 387,4 35,4 6,2
2021 392,0 381,4 37,3 6,8
*voorlopige cijfers
¹⁾personen tot 23 jaar, jongeren met meerdere vormen van jeugdzorg komen meerdere malen in de figuur voor

Grote verschillen jeugdzorggebruik tussen gemeenten

Van alle jongeren tot 23 jaar kreeg bijna 9 procent jeugdzorg in het eerste halfjaar van 2026. Het percentage jongeren dat jeugdhulp krijgt verschilt per gemeente: van bijna 5 procent tot meer dan 17 procent. Dit kan meerdere oorzaken hebben. Gemeenten kunnen eigen keuzes maken in de manier waarop ze jeugdzorg organiseren. Daardoor zijn er verschillen tussen gemeenten in de hoeveelheid en het soort jeugdzorg dat beschikbaar is.

Uit CBS-onderzoek blijkt dat ook sociaal-economische verschillen een rol kunnen spelen, zoals de hoogte van het inkomen en het aantal eenoudergezinnen. Ook het gebruik van Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ) of hulp vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) in het gezin van de jongere speelt een rol.

Jongeren met jeugdzorg, 1e halfjaar 2026*
‘s-Gravenhage 6,7
‘s-Hertogenbosch 8,7
Aa en Hunze 9,5
Aalsmeer 8,4
Aalten 7,9
Achtkarspelen 8,4
Alblasserdam 7,1
Albrandswaard 9,0
Alkmaar 10,8
Almelo 10,9
Almere 10,0
Alphen aan den Rijn 8,9
Alphen-Chaam 8,0
Altena 8,2
Ameland 7,2
Amersfoort 8,0
Amstelveen 8,2
Amsterdam 7,9
Apeldoorn 9,7
Arnhem 10,4
Assen 11,5
Asten 8,9
Baarle-Nassau 8,6
Baarn 7,8
Barendrecht 8,9
Barneveld 7,1
Beek (L.) 10,6
Beekdaelen 9,9
Beesel 11,3
Berg en Dal 8,3
Bergeijk 8,5
Bergen (L.) 9,8
Bergen (NH.) 8,0
Bergen op Zoom 12,0
Berkelland 10,0
Bernheze 9,6
Best 9,1
Beuningen 8,9
Beverwijk 7,1
Bladel 9,1
Blaricum 9,5
Bloemendaal 7,3
Bodegraven-Reeuwijk 7,7
Boekel 6,7
Borger-Odoorn 10,1
Borne 10,3
Borsele 11,3
Boxtel 9,5
Breda 6,7
Bronckhorst 9,1
Brummen 10,5
Brunssum 12,4
Bunnik 9,9
Bunschoten 7,7
Buren 11,0
Capelle aan den IJssel 10,4
Castricum 8,0
Coevorden 8,8
Cranendonck 8,6
Culemborg 9,0
Dalfsen 7,9
Dantumadiel 9,4
De Bilt 12,2
De Fryske Marren 8,0
De Ronde Venen 6,4
De Wolden 7,5
Delft 8,0
Den Helder 11,6
Deurne 8,7
Deventer 8,3
Diemen 6,9
Dijk en Waard 10,2
Dinkelland 6,2
Doesburg 10,0
Doetinchem 9,0
Dongen 9,5
Dordrecht 9,0
Drechterland 7,2
Drimmelen 9,6
Dronten 7,6
Druten 9,9
Duiven 10,6
Echt-Susteren 14,0
Edam-Volendam 5,4
Ede 8,5
Eemnes 7,5
Eemsdelta 10,3
Eersel 8,3
Eijsden-Margraten 9,1
Eindhoven 7,7
Elburg 8,6
Emmen 9,7
Enkhuizen 10,5
Enschede 8,9
Epe 9,5
Ermelo 10,2
Etten-Leur 9,5
Geertruidenberg 11,7
Geldrop-Mierlo 13,0
Gemert-Bakel 8,2
Gennep 10,8
Gilze en Rijen 8,9
Goeree-Overflakkee 7,4
Goes 13,1
Goirle 8,6
Gooise Meren 10,4
Gorinchem 7,2
Gouda 9,7
Groningen 7,2
Gulpen-Wittem 8,7
Haaksbergen 9,0
Haarlem 7,1
Haarlemmermeer 9,0
Halderberge 9,9
Hardenberg 9,3
Harderwijk 9,4
Hardinxveld-Giessendam 6,0
Harlingen 8,8
Hattem 7,8
Heemskerk 7,3
Heemstede 7,1
Heerde 10,2
Heerenveen 9,7
Heerlen 10,4
Heeze-Leende 6,9
Heiloo 8,4
Hellendoorn 9,0
Helmond 10,3
Hendrik-Ido-Ambacht 6,9
Hengelo (O.) 8,4
Het Hogeland 12,8
Heumen 8,3
Heusden 9,6
Hillegom 13,0
Hilvarenbeek 6,9
Hilversum 9,3
Hoeksche Waard 7,3
Hof van Twente 7,4
Hollands Kroon 8,8
Hoogeveen 9,5
Hoorn 8,8
Horst aan de Maas 9,4
Houten 10,0
Huizen 10,0
Hulst 11,1
IJsselstein 8,7
Kaag en Braassem 9,9
Kampen 8,8
Kapelle 13,3
Katwijk 9,0
Kerkrade 11,6
Koggenland 6,8
Krimpen aan den IJssel 11,6
Krimpenerwaard 8,1
Laarbeek 8,9
Land van Cuijk 9,1
Landgraaf 9,4
Landsmeer 9,2
Lansingerland 9,3
Laren (NH.) 9,0
Leeuwarden 10,7
Leiden 7,2
Leiderdorp 8,4
Leidschendam-Voorburg 9,8
Lelystad 7,3
Leudal 11,8
Leusden 8,2
Lingewaard 10,3
Lisse 11,7
Lochem 8,8
Loon op Zand 8,9
Lopik 7,6
Losser 9,0
Maasdriel 9,9
Maasgouw 11,4
Maashorst 9,2
Maassluis 6,8
Maastricht 7,0
Medemblik 9,0
Meerssen 10,1
Meierijstad 8,5
Meppel 7,1
Middelburg (Z.) 12,2
Midden-Delfland 7,8
Midden-Drenthe 9,9
Midden-Groningen 11,5
Moerdijk 9,7
Molenlanden 5,6
Montferland 10,1
Montfoort 6,7
Mook en Middelaar 8,3
Neder-Betuwe 9,6
Nederweert 10,1
Nieuwegein 9,0
Nieuwkoop 7,9
Nijkerk 8,5
Nijmegen 8,7
Nissewaard 8,6
Noardeast-Fryslân 8,5
Noord-Beveland 11,0
Noordenveld 10,4
Noordoostpolder 7,8
Noordwijk 11,5
Nuenen, Gerwen en Nederwetten 8,9
Nunspeet 9,0
Oegstgeest 8,4
Oirschot 8,1
Oisterwijk 7,9
Oldambt 10,1
Oldebroek 8,3
Oldenzaal 7,9
Olst-Wijhe 8,4
Ommen 9,9
Oost Gelre 9,1
Oosterhout 10,2
Ooststellingwerf 10,3
Oostzaan 8,3
Opmeer 8,5
Opsterland 8,0
Oss 9,9
Oude IJsselstreek 11,2
Ouder-Amstel 8,5
Oudewater 6,2
Overbetuwe 9,5
Papendrecht 7,4
Peel en Maas 8,9
Pekela 11,0
Pijnacker-Nootdorp 8,1
Purmerend 7,3
Putten 7,6
Raalte 8,0
Reimerswaal 10,4
Renkum 11,1
Renswoude 6,7
Reusel-De Mierden 9,9
Rheden 10,2
Rhenen 8,2
Ridderkerk 10,1
Rijssen-Holten 8,9
Rijswijk (ZH.) 9,5
Roerdalen 12,0
Roermond 12,6
Roosendaal 9,5
Rotterdam 7,7
Rozendaal 10,6
Rucphen 11,5
Schagen 7,8
Scherpenzeel 8,9
Schiedam 7,8
Schiermonnikoog 10,7
Schouwen-Duiveland 10,0
Simpelveld 8,7
Sint-Michielsgestel 7,7
Sittard-Geleen 11,9
Sliedrecht 7,5
Sluis 11,5
Smallingerland 10,7
Soest 8,0
Someren 7,2
Son en Breugel 9,9
Stadskanaal 10,2
Staphorst 4,7
Stede Broec 8,3
Steenbergen 11,1
Steenwijkerland 7,6
Stein (L.) 11,1
Stichtse Vecht 6,7
Súdwest-Fryslân 9,5
Terneuzen 11,9
Terschelling 5,6
Texel 9,0
Teylingen 11,2
Tholen 9,7
Tiel 17,2
Tilburg 9,3
Tubbergen 6,2
Twenterand 9,7
Tynaarlo 9,6
Tytsjerksteradiel 9,6
Uitgeest 7,2
Uithoorn 9,1
Urk 5,4
Utrecht 8,4
Utrechtse Heuvelrug 10,5
Vaals 6,1
Valkenburg aan de Geul 10,0
Valkenswaard 11,4
Veendam 12,2
Veenendaal 8,9
Veere 10,1
Veldhoven 9,4
Velsen 8,4
Venlo 9,8
Venray 9,4
Vijfheerenlanden 7,8
Vlaardingen 8,2
Vlieland 4,6
Vlissingen 12,9
Voerendaal 7,0
Voorne aan Zee 8,5
Voorschoten 7,9
Voorst 7,6
Vught 7,9
Waadhoeke 8,5
Waalre 9,1
Waalwijk 9,7
Waddinxveen 9,2
Wageningen 7,5
Wassenaar 8,3
Waterland 7,8
Weert 11,0
West Betuwe 10,0
West Maas en Waal 10,5
Westerkwartier 10,3
Westerveld 9,0
Westervoort 10,7
Westerwolde 8,3
Westland 8,1
Weststellingwerf 8,0
Wierden 7,2
Wijchen 11,9
Wijdemeren 9,2
Wijk bij Duurstede 10,4
Winterswijk 8,7
Woensdrecht 10,9
Woerden 7,4
Wormerland 8,3
Woudenberg 8,4
Zaanstad 11,0
Zaltbommel 11,2
Zandvoort 6,5
Zeewolde 10,1
Zeist 10,4
Zevenaar 11,1
Zoetermeer 11,8
Zoeterwoude 7,9
Zuidplas 8,9
Zundert 7,8
Zutphen 12,4
Zwartewaterland 5,8
Zwijndrecht 9,5
Zwolle 8,2
*voorlopige cijfers

Ruim 3 procent jeugdtrajecten begint vanuit een crisissituatie

In het eerste halfjaar van 2026 zijn ruim 145 duizend nieuwe jeugdhulptrajecten gestart. Bij ruim 3 procent van deze trajecten was er sprake van  bij aanvang. De jeugdhulpprofessional bepaalt of er sprake is van crisis.

Crisis bij aanvang, 1e halfjaar
2026* 3,4 23,5 2,5
2025* 3,1 18,0 2,2
2024 3,0 19,9 2,1
2023 3,1 19,0 2,2
2022 3,4 17,3 2,4
2021 3,7 16,5 2,9
*voorlopige cijfers

Meer crisis bij aanvang jeugdhulp met verblijf

Trajecten jeugdhulp met verblijf, waarbij de jongere niet thuis slaapt, beginnen relatief vaker vanuit een crisissituatie dan jeugdhulp zonder verblijf. In het eerste halfjaar van 2026 begon bij jeugdhulp zonder verblijf 2 procent vanuit een crisissituatie en 24 procent van de trajecten met verblijf. In het eerste halfjaar van 2025 was dat 2 procent bij jeugdhulp zonder verblijf en 18 procent van de trajecten met verblijf.

Begonnen trajecten jeugdhulp met verblijf, 1e halfjaar
2026* 5,2 1,6
2025* 7,1 1,5
2024 7,5 1,9
2023 8,4 2,0
2022 8,7 1,8
2021 8,7 1,7
*voorlopige cijfers

Daling aantal trajecten dat zonder crisis start

De stijging van het percentage trajecten jeugdhulp met verblijf dat met crisis begint, komt niet door een grote stijging van het absolute aantal trajecten dat met crisis aanvangt, maar vooral door een daling van het aantal trajecten dat zonder crisis start. Daardoor neemt het aandeel trajecten jeugdhulp met verblijf dat met een crisis start op het totaal aantal trajecten toe.

In het eerste halfjaar van 2026 zijn in totaal 2 duizend trajecten minder gestart dan in 2025 terwijl het aantal trajecten met crisis met 50 is toegenomen.

Plaats een reactie